Belastingplan 2011: Wijziging in de overdrachtsbelasting bij overdracht van aandelen in het kapitaal van onroerende zaaklichamen (artikel 4 WBR)

Op Prinsjesdag is het Belastingplan 2011 ingediend. Hierin is onder andere een voorstel gedaan tot wijziging van artikel 4 Wet Belastingen Rechtsverkeer (“WBR”).

Algemeen

In beginsel wordt overdrachtsbelasting geheven bij verkrijging van in Nederland gelegen onroerende zaken, alsmede van beperkte rechten daarop en van de economische eigendom daarvan.

Onder bepaalde voorwaarden kan ook de verkrijging van aandelen met overdrachtsbelasting worden belast. Deze regeling dient ervoor te voorkomen dat door het tussenschuiven van een rechtspersoon de heffing van overdrachtsbelasting wordt ontgaan. Deze voorwaarden zijn vastgelegd in artikel 4 WBR.

De voorwaarden waren echter relatief makkelijk te beïnvloeden, waardoor heffing van overdrachtsbelasting (te vaak) werd ontlopen.

Het kabinet heeft diverse maatregelen voorgesteld om misbruikconstructies aan te pakken. De voorstellen zullen grote gevolgen hebben voor Nederlandse vastgoedmaatschappijen, aangezien heffing van overdrachtsbelasting als gevolg van de voorgestelde wijzigingen vaker plaats zal vinden dan thans het geval is.

De voorstellen zullen met ingang van 1 januari 2011 in werking treden.

Wijzigingen

1.    Bezitseis

Het hoofdzakelijkheidscriterium (>70%) wordt vervangen door het grotendeelscriterium (>50%). Er wordt dus reeds aan de bezitseis voldaan als de bezittingen van de vennootschap voor meer dan 50% bestaan uit onroerende zaken.

Voor de bezitseis tellen tot op heden alleen de in Nederland gelegen onroerende zaken mee. Voortaan zullen ook de in het buitenland gelegen onroerende zaken meetellen voor de bezitseis. Wel is daarnaast als eis opgenomen dat het aandeel van de in Nederland gelegen onroerende zaken ten minste 30% van de bezittingen moet zijn.

Naast de bezitseis geldt ook een doeleis. Deze houdt in dat 70% of meer van de totale onroerende zaken (dus zowel de Nederlandse als de buitenlandse) dienstbaar moeten zijn aan het verkrijgen, vervreemden of exploiteren van die onroerende zaken. Deze doeleis is niet veranderd.

2.    Kunstmatig gecreëerde bezittingen

Onder de huidige regelgeving komt het in de praktijk voor dat bezittingen kunstmatig worden gecreëerd om zo onder de bezitseis te blijven. Derhalve zullen onder de nieuwe wet bij de toets om te bepalen of aan de bezitseis wordt voldaan bepaalde bezittingen niet meer worden meegeteld, tenzij aannemelijk kan worden gemaakt dat de bezittingen voortvloeien uit de normale bedrijfsuitoefening.

Het gaat om de volgende bezittingen:

3.    Consolidatievoorschrift

Op dit moment wordt er geconsolideerd indien een belang van één/derde of meer door de betreffende vennootschap in andere lichamen wordt gehouden. Voorgesteld wordt om deze consolidatie uit te breiden. Als de betreffende vennootschap zelf minder dan één/derde belang in een ander lichaam heeft, zal toch consolidatie plaatsvinden in de volgende gevallen:

  1. als de betreffende vennootschap tezamen met een concernvennootschap wel een belang van één/derde of meer in een ander lichaam houdt;
  2. als de betreffende vennootschap tezamen met een persoon die 90% of meer belang heeft in de betreffende vennootschap voor ten minste één/derde belang houdt in een ander lichaam.

4.    Samenhangende overeenkomsten

Nu worden alleen verkrijgingen door eenzelfde verkrijger binnen een periode van twee jaar beschouwd als verkrijgingen ingevolge een samenhangende overeenkomst. In de nieuwe wet worden ook verkrijgingen door een “ nauw verwante groep” aangemerkt als verkrijging ingevolge een samenhangende overeenkomst.

Voor verkrijgende lichamen zullen ook verkrijgingen door concernvennootschappen worden meegeteld.

5.    Verkrijging van rechten uit bestaande aandelen

De verkrijging van een belang als gevolg van wijziging van aandeelhoudersrechten in bestaande aandelen wordt onder de gestelde voorwaarden een belastbaar feit voor de heffing van overdrachtsbelasting.

Als u naar aanleiding van dit artikel vragen hebt, kunt u contact opnemen met Mr M.H. (Marianne) van der Laak (via nummer 010 - 2770682 of per e-mail vanderlaak@schaap.eu) of Mr A.C.N. (Antoinette) Horstman (via nummer 010 - 2770449 of per e-mail horstman@schaap.eu).

19-10-2010