Afschaffing verklaring van geen bezwaar

Het is zover: het Ministerie van Veiligheid en Justitie heeft haar softwaresystemen aangepast aan de nieuwe regelgeving. Per 1 juli 2011 is het niet meer nodig om voorafgaand aan de oprichting of een statutenwijziging van onder andere een B.V. of N.V. (rechtspersoon) de zgn.  verklaring van geen bezwaar aan te vragen bij het Ministerie. De Wet controle op rechtspersonen treedt op de genoemde datum in werking waardoor de controle voorafgaand aan de oprichting of statutenwijziging van een B.V. of N.V. van de oprichters, aandeelhouders, directeuren, commissarissen en “uiteindelijke belanghebbenden” vervalt. Hiervoor in de plaats komt een doorlopend toezicht gedurende het bestaan van rechtspersonen, waartoe bijvoorbeeld ook stichtingen en verenigingen met volledige rechtsbevoegdheid vallen.

De Dienst Justis (Justitiële Uitvoeringsdienst Toetsing, Integriteit en Screening) van het Ministerie is met de uitvoering belast. Dit is dezelfde dienst als die de aanvragen van de verklaringen van geen bezwaar behandelde. Deze dienst kan voor de doorlopende controle putten uit veel informatiebronnen, waaronder in de eerste plaats het handelsregister, de gemeentelijke basisadministratie en het kadaster, alsook de dossiers van de belastingdienst en de uitvoerders van de sociale zekerheidswetten. Een dergelijke manier van het verzamelen en filteren van gegevens uit diverse bestanden noemt men ook wel “datamining”.

Het doel van het doorlopende toezicht is om vast te stellen of er een verhoogd risico op fraude of andere criminele activiteiten is door een rechtspersoon of de daartoe behorende natuurlijke personen. Mocht er sprake zijn van een signaal dat op een verhoogd risico duidt, dan kan het Ministerie een risicomelding doen aan de instantie die over het soort criminele activiteiten gaat. Het kan bijvoorbeeld gaan over belastingfraude maar ook over terrorisme.

In de wet treffen we waarborgen aan voor de bescherming van persoonsgegevens en het doorgeven daarvan aan de bevoegde instanties. De controle gaat wel ver, net als de bevoegdheden. Ook kinderen en kleinkinderen kunnen worden gescreend, maar alleen als daartoe een serieuze aanleiding is. Een mogelijk bezwaar tegen de nieuwe vorm van toezicht is dat het niet zichtbaar is voor de betrokkenen bij een rechtspersoon. Bij het preventieve toezicht was men zich ervan bewust dat er een screening plaatsvond: daarvoor diende immers de aanvraag van de verklaring van geen bezwaar bij het Ministerie. Nu schrijft men de rechtspersoon met alle gevraagde gegevens in het handelsregister in en wordt de screening niet als zodanig ervaren. Dit nadeel is meteen een voordeel: als er geen bijzonderheden zijn, zoals in verreweg de meeste gevallen, dan heeft men er ook geen last van. 

Voor de praktijk betekent de afschaffing van de verklaring van geen bezwaar een administratieve verlichting. Moesten eerst voor zowel het Ministerie als voor het handelsregister van de Kamer van Koophandel vragenlijsten en formulieren worden ingevuld, nu hoeft dat alleen nog maar voor het handelsregister. Er hoeft geen rekening meer te worden gehouden met wachttijden voor het afgeven van verklaringen van geen bezwaar. Het toezicht vooraf vindt plaats door de notaris op de manier zoals dit al gebruikelijk is namelijk door middel van cliëntenonderzoek, de beoordeling van de inhoud van de statuten (o.a. geoorloofd doel),  en de onderzoeken voortvloeiend uit de Wet ter voorkoming van witwassen en financiering van terrorisme (Wwft).

Als u naar aanleiding van dit artikel vragen hebt, kunt u contact opnemen met Mr J. (Hans) Kemper (via nummer 010 – 2770327 of per e-mail kemper@schaap.eu) of D. (Bonnie) Harte-Bolderdijk (via nummer: 010 – 2770402 of per e-mail: harte@schaap.eu).

30-6-2011