Inleiding
Op 1 juli 2011 zijn in werking getreden de Wet van 12 mei 2011 tot wijziging van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek ter uitvoering van richtlijn nr. 2009/109/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 16 september 2009 tot wijziging van de richtlijnen nr. 77/91/EEG, 78/855/EEG en 82/891/EEG van de Raad en richtlijn nr. 2005/56/EG wat verslaggevings- en documentatieverplichtingen in geval van fusies en splitsingen betreft (PbEU L 259) en artikel I van de Wet van 20 mei 2010 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek en enkele andere wetten in verband met lastenverlichting voor burgers en bedrijfsleven.
Met het van kracht worden van de hiervoor genoemde wetten is een versoepeling aangebracht in de verslaggevings- en documentatieverplichting bij fusies en splitsingen en is het mogelijk geworden om bij fusie en splitsing documenten langs elektronische weg openbaar te maken.
In dit artikel zullen kort de wijzigingen ten opzichte van de oude regelgeving worden besproken.
Verslaggevings- en documentatieverplichtingen
Om een fusie te kunnen bewerkstelligen moeten de besturen van de te fuseren rechtspersonen allereerst gezamenlijk een voorstel tot fusie opstellen. Voor 1 juli 2011 moest er door de besturen van de te fuseren rechtspersonen een toelichting op het fusievoorstel worden opgemaakt. De schriftelijke toelichting op het fusievoorstel is vanaf 1 juli 2011 niet meer vereist, indien alle leden of aandeelhouders van de fuserende rechtspersonen daarmee instemmen. Een zelfde regeling geldt ingeval van een voorgenomen splitsing.
Voldoet een vennootschap aan de vereisten met betrekking tot de halfjaarlijkse financiële verslaggeving genoemd in artikel 5:25d Wet Financieel Toezicht (dit zijn veelal beursgenoteerde N.V.’s), dan hoeft, indien het laatste boekjaar waarover een jaarrekening is vastgesteld en openbaar is gemaakt meer dan zes maanden vóór de deponering of openbaarmaking van het voorstel tot fusie is verstreken, er geen jaarrekening of tussentijdse vermogensopstelling meer te worden opgesteld. Deze uitzondering geldt ook bij splitsing.
Het bestuur van elke te fuseren rechtspersoon was voor 1 juli 2011 verplicht de algemene vergadering en de andere te fuseren rechtspersonen in te lichten over na het voorstel tot fusie gebleken belangrijke wijzigingen in de omstandigheden die de mededelingen in het voorstel tot fusie of in de toelichting hebben beïnvloed. Per 1 juli 2011 geldt dit nog slechts ingeval van belangrijke wijzigingen in de activa en passiva. Eenzelfde regeling geldt ingeval van een voorgenomen splitsing.
Van deze verplichting kan bij een fusie met instemming van alle leden of aandeelhouders worden afgeweken. Dit geldt echter niet bij een splitsing.
Gedurende één maand na de dag waarop de advertentie in de krant is verschenen, kunnen de schuldeisers van de te fuseren of splitsende rechtspersonen door een verzoekschrift aan de rechtbank binnen wier arrondissement de betrokken rechtspersonen statutair en feitelijk zijn gevestigd verzet aantekenen tegen de voorgenomen fusie of splitsing. Sinds 1 juli 2011 is een verduidelijking in de bewijslast aangebracht. Het verzoek wordt afgewezen indien de schuldeiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat de vermogenstoestand van de verkrijgende rechtspersoon na de fusie of splitsing minder waarborg zal bieden dat de vordering van de schuldeiser zal worden voldaan, en dat van de rechtspersoon niet voldoende waarborgen zijn verkregen.
Het bestuur van de verkrijgende vennootschap kan besluiten tot fusie, mits de vennootschap het voornemen hiertoe heeft vermeld in de aankondiging dat het voorstel tot fusie is neergelegd. Bij de verdwijnende vennootschappen dient het besluit tot fusie te worden genomen door de algemene vergadering van aandeelhouders. Sinds 1 juli 2011 is het ook mogelijk dat, indien er sprake is van een 100% moeder-dochter fusie, het bestuur van de verdwijnende vennootschap tot fusie besluit, tenzij de statuten anders bepalen. De verdwijnende vennootschap hoeft dit voornemen echter niet te vermelden in de aankondiging. Ook ten aanzien van splitsing is een dergelijke regeling in de wetswijziging opgenomen. Indien de verkrijgende vennootschappen alle aandelen houden in de splitsende vennootschap, kan de splitsende vennootschap, tenzij de statuten anders bepalen, bij bestuursbesluit tot splitsing besluiten.
Ten aanzien van de splitsing geldt nog dat, indien alle verkrijgende vennootschappen bij de splitsing worden opgericht en de aandeelhouders van de splitsende vennootschap naar evenredigheid van hun aandeel in de splitsende vennootschap aandeelhouder worden van de verkrijgende vennootschappen, een aantal extra vrijstellingen gelden. Indien sprake is van een dergelijke situatie zijn de artikelen 2:334g (toelichting op het splitsingsvoorstel), 2:334i (belangrijke wijzigingen in activa en passiva) en 2:334y tot en met 2:334bb Burgerlijk Wetboek (inhoud splitsingsvoorstel, toelichting op het splitsingsvoorstel accountantsonderzoek en toekenning aandelen) niet van toepassing.
Openbaarmaking langs elektronische weg
De te fuseren vennootschappen moeten bij het handelsregister de volgende stukken deponeren:
Ingeval van splitsing geldt eenzelfde regeling. Sinds 1 juli 2011 is het ook mogelijk om het voorstel tot fusie of splitsing via elektronische weg (via de website van de Kamer van Koophandel) openbaar te maken.
De hiervoor genoemde stukken moeten, tezamen met de fusietoelichting en de jaarrekeningen die niet ter inzage behoeven te liggen, tevens ten kantore van de te fuseren vennootschappen te worden neergelegd, alwaar de stukken ter inzage liggen voor de aandeelhouders en voor degenen die een bijzonder recht hebben, zoals een recht op uitkering van winst of tot het nemen van aandelen. De bij de fusie of de splitsing betrokken rechtspersonen kunnen sinds 1 juli 2011 er ook voor kiezen de hiervoor genoemde stukken elektronisch raadpleegbaar te maken in plaats van de stukken op haar kantoor neer te leggen.
De aandeelhouders en degenen die een bijzonder recht hebben kunnen kosteloos een afschrift verkrijgen van de stukken die bij de vennootschap zijn neergelegd. Het bestuur mag een afschrift elektronisch verstrekken, mits de aandeelhouder of de bijzonder gerechtigde daarmee heeft ingestemd. Indien de stukken echter elektronisch raadpleegbaar zijn, is de rechtspersoon niet gehouden om afschriften te verstrekken.
Wordt ervoor gekozen de fusie- of splitsingstukken elektronisch openbaar te maken, dan moet dit in de aankondiging in een landelijk verspreid dagblad worden vermeld. In dat geval dient ook het betreffende internetadres in de aankondiging te worden vermeld.
Als u naar aanleiding van dit artikel vragen hebt, kunt u contact opnemen met Mr Drs R.X.J. (Xander) Blokzijl (via nummer 010 – 2770408 of per e-mail blokzijl@schaap.eu) of Mr A.C. (Anne-Marie) Moree (via nummer 010 – 2770300 of per e-mail moree@schaap.eu).
26-10-2011